Moedig en dapper van koningin Beatrix om naar de ‘theatrale lezing’ te gaan over het leven van prins Claus. Verstandig dat ze niet alleen ging, maar prins Constantijn en prinses Laurentien meenam. Op die manier hadden ze steun aan elkaar, hetgeen getuige het veelvuldig vastgrijpen van elkaars handen in de koninklijke loge van Carré ook wel nodig bleek. Thom Hoffman ontroerde als de prins. ‘Bijna griezelig’ zoals hij in mimiek, stem en houding Claus benaderde. Alleen zijn scheiding zat aan de verkeerde kant, stelde een goede kenner van de prins vast. Hoffman speelde de prins met verve en sprak Beatrix aan alsof ze werkelijk zijn echtgenote was. Dat maakte het theaterstuk levensecht, maar daarmee niet gemakkelijker voor de koningin. Claus (‘hoe val je onopvallend op, het keurslijf knelt’ werd gezongen) was herkenbaar ook voor degenen die hem niet zo goed hebben gekend. Het afwerpen van de stropdas (in 1998) werd door Hoffman meesterlijk vertolkt. De wijze woorden aan ‘schoondochter Máxima’ klonken oprecht en echt. Máxima (Paulette Smit) mocht er overigens ook zijn: vet accent, leuke en scherpe tekst, vooral over ‘de’ Nederlandse identiteit die ze maar niet kon vinden. ,,Nederlanders zijn enorm nationalistisch in hun niet nationalistisch zijn", merkte ‘Claus’ op. ,,Ik mag de toekomstige koning wel een ‘beetje dom’ noemen, maar als ik zeg dat ik de identiteit niet heb gevonden, is het land te klein", aldus ‘Máxima’. ,,Als je ze doorkrijgt, zijn de Nederlanders toch wel leuk", troostte de prins. Hij gaf haar de raad nooit op te geven. In vogelvlucht en hapsnap passeerden momenten uit het leven van Claus, wiens levensloop gedeeltelijk werd verteld door Philip Freriks en Maartje van Weegen, en deels ook werd geprojecteerd in filmbeelden op de achterwand van Carré. John Leerdam (PvdA) heeft speciale belangstelling voor Nederlands koloniale verleden en voor de banden met Suriname, de Antillen, Indonesië en Zuid-Afrika. En dus kwam Claus’ betrokkenheid bij die drie landen royaal aan bod. Hilarisch was een sketch waarin onder meer Kamerlid Kathleen Ferrier - dochter van de eerste Surinaamse president, die ondanks zijn zeer hoge leeftijd (99!) ook in Carré aanwezig was - in discussie trad met twee landgenotes (Jetty Mathurin en Gerda Havertong) én ‘minister Jan Pronk’, net iets te enthousiast gespeeld door zijn huidige opvolger, minister Bert Koenders (Ontwikkelingssamenwerking). Samen met de beelden van de soevereiniteitsoverdracht in 1975 was het in feite één lang pleidooi voor een snel staatsbezoek aan Suriname, en een terugkeer van Beatrix. Martijn van Dam (PvdA), Boris van der Ham (D66), Kees Vendrik (GroenLinks), Bas Jan van Bochove (CDA) en Han ten Broeke (VVD) waren echt op dreef, en brachten de dilemma’s rond ontwikkelingshulp (nut en noodzaak, hoe help je, met de PVV als de duidelijke dissonant) goed voor het voetlicht. In de zaal moet Kamervoorzitter Gerdi Verbeet hebben gewenst dat bij haar ook op zo’n gloedvolle manier wordt gedebateerd. Een voorstelling van ruim twee uur valt eigenlijk niet samen te vatten. Drie actrices als Laurentien (Lia Bolte), Máxima en Mabel (Bo Bojoh) pratend - zogenaamd aan het zwembad in Tavarnelle - over het gebrek aan media aandacht voor hun werk in tegenstelling tot de aandacht voor hun kleding, haar of vorige liefdesleven. Of hoe de zee Beatrix ‘zegende’ op Curaçao, hoe die ‘plens water’ het staatshoofd tot mens maakte en zij voor altijd in de harten in de harten van de Antillianen is gesloten. De afscheidmonoloog van ‘Claus’, waarin hij aan het einde van zijn leven afscheid neemt van Beatrix (‘ik heb het haar moeilijk gemaakt, in plaats dat ik voor haar zorgde, moest zij voor mij zorgen’) en zich afvraagt hoe hij herinnerd zal worden, liet weinigen in Carré onberoerd. Er werd, ook in de koninklijke loge, menig traantje weggepinkt: „Ik heb me lang afgevraagd waar ik thuishoor, heel lang”, zei hij. „Europa, Afrika, de wereld. Maar ik weet het zeker, ik hoor bij hen. Bij mijn zonen en mijn vrouw. Ik hoor bij haar. En wanneer ik er niet meer ben ... Wees lief voor haar.” Prins Constantijn greep zijn moeder vast, Laurentien streelde zijn arm, en pakte de andere hand van Beatrix. Hun aanwezigheid verhoogde natuurlijk voor iedereen, spelers en publiek - onder wie ministers, staatssecretarissen, Kamerleden, Huub Oosterhuis en vele anderen - de inzet en de spanning. Het maakte deze middag ook zo bijzonder, memorabel in de juiste zin van het woord. Een waardig eerbetoon. © HJ
CLAUS! heette de eenmalige voorstelling naar een idee van Tweede Kamerlid en regisseur John Leerdam en stichting Julius Leeft!. Hij wist ervoor een unieke en bijzondere cast bijeen te krijgen van (oud)ministers, de burgemeester van Amsterdam, Kamerleden, (oud)nieuwslezers, muzikanten en dansers en niet te vergeten de acteur Thom Hoffman - die de moeilijke, maar mooie rol van Claus had.
Gelukkig was er Thom Hoffman. Hij zette een geweldige prins Claus neer, ontroerend in motoriek en licht accent. Claus had mooie teksten, engagement met lichte zelfspot.
Gewaagd was het onderdeel waarbij zes Kamerleden van vijf partijen - PvdA'er Luuk Blom nam de rol van de PVV voor zijn rekening - debatteerden over een fictief testament van Claus. Daarin had hij bepaald dat hij buiten Nederland herbegraven wilde worden als Nederland ooit de ontwikkelingshulp zou afschaffen. Een zaak die toevallig eerder in de week net onderwerp was geweest van een nep-Journaal.







RSS Feed News Summary
Laatste reacties