PERSOONLIJKE IMPRESSIES VAN VRIJDAG 8 MEI, APELDOORN. De taxi zoekt een weg door de uitgestorven straten, op weg naar paleis Het Loo. ,,Veel succes", zegt de centrale tegen de chauffeur wanneer hij zijn bestemming opgeeft. Het centrum is afgesloten, op de belangrijkste weg naar het paleis staan betonblokken, zijstraten bieden geen uitkomst. Op een aantal plaatsen zijn de straten nog versierd. Nog niet zo lang geleden bereidde Apeldoorn zich voor op een grandioos feest, nu staat het stil bij zijn doden en gewonden. Een schok van herkenning bij het voorrijden van de bus. Een vraag om bevestiging van de chauffeur. ,,Ja, inderdaad", zegt hij. Dit is de persbus. Op de derde rij, aan het raam zit ik op 30 april. ANP-fotograaf Robin Utrecht staat naast me op een stoel om door het open dak opnamen te maken van de zegetocht van de koninklijke familie over de Loolaan. Bij het kruispunt voor het paleis buigt de koninklijke bus af. De fotograaf maakt nog een paar plaatjes van publiek. En dan: de klap, het gegil, het drama, de doden en gewonden. We verlaten de bus. Iedereen met zijn eigen indrukkken, eigen instincten en eigen werk. Een paar tellen later en een heel persvak fotografen zou ook zijn geschept door de aanstormende Suzuki Swift. Nu kunnen de verschrikte fotografen nog net op tijd wegspringen, zo laten de beelden achteraf zien. Hoeveel later, twintig seconden misschien, zou de persbus op het kruispunt hebben gestaan? Niet aan denken. ‘Wat als’ doet er nu niet meer toe. Weer rijdt de bus over de Loolaan. Dezelfde plaats, dezelfde route, hetzelfde kruispunt. Daar liggen nu bloemen. Nu geen collega’s in de bus maar leden van het Rode Kruis en die arts. We praten wat over 30 april. Over de slachtoffers, de willekeur, de overlevingskansen van degenen die nog in het ziekenhuis liggen. De Loolaan, op Koninginnedag één zee van juichende, opgetogen vrolijke mensen, is stil en leeg. Op 8 april was ik hier ook, op weg naar het paleis om burgemeester Fred de Graaf enthousiast te horen vertellen over het programma voor Koninginnedag. Nu, precies een maand later rijdt de bus in tegengestelde richting, naar een herdenkingsbijeenkomst. ,,Hoe gaat het?" is de vraag die iedereen elkaar stelt. Simon Boon van het organisatiecomité zegt dat de afgelopen week niet alleen in een roes voorbij is gegaan. Hij heeft ook weer gewerkt. Op 30 april troffen we elkaar voor het paleis, vol ongeloof. Hij zat in de koninklijke bus. Nu is hij één van de sprekers. Boon houdt zich sterk. Collega’s Peter van der Vorst en Marc van der Linden zijn er ook. Over de invulling van het vak verschillen we wel eens van mening, maar het zijn warme ‘mensen’ mensen. En dat is in de journalistiek niet vanzelsprekend. De Taptoe en twee minuten stilte, gevolgd door het Wilhelmus, aan het einde ontroeren. Ook het beschaafde meezingen, uit het hart en niet uit beleefdheid, is indrukwekkend. Robin Utrecht, die er bewust voor heeft gekozen deze avond hier te werken, maakt veelzeggende opnamen van de koningin en haar familie. ,,Heel mooi", luidt het oordeel dat na afloop in de wandelgangen en foyer het vaakst te horen is. Op weg naar huis komt het bericht dat nog iemand is overleden. De vrouw over wie ik eerder op de avond met arts sprak in de bus naar de herdenkingsdienst. Er stond dus één kaars te weinig op het toneel. Maar dat is niet de zorg van de wat opstandige Apeldoornse jongeman die op een fiets zonder licht door het stadscentrum wil fietsen. Het vloekt hardgrondig wanneer hij van zijn rijwiel moet springen omdat er een fietspatrouille van de politie aankomt. ,,Overal politie", moppert hij hardop. Hij moet nog vier keer afstappen, want de politie is inderdaad overal. Hoelang houden we dat vol? © HJ, Foto's: © GPD ANP Robin Utrecht (pool) Het paleis ligt er prachtig bij tussen al het groen. Zo’n vredige aanblik in de avondgloed, maar wat een verdriet is hier samengebald. Families die rouwen om het verlies van hun een dierbare, mensen die gewond zijn geraakt bij het drama op Koninginnedag, hulpverleners, vrijwilligers: het is een bont en somber gezelschap dat zich verzamelt voor de busrit naar theater Orpheus. ,,Praten helpt bij de verwerking", zegt een vrouw die haar broer verloor. ,,Bent u ook hulpverlener", vraagt een arts die eerste hulp bood op 30 april.
Theater Orpheus. Is dat niet waar we in 2007 verzamelden voor de veertigste verjaardag van Willem-Alexander? En vorig jaar nog voor het verjaardagsfeest van prinses Margriet. Een mooi theater, tegenover de Grote Kerk - daar waar de koninklijke familie een week eerder in de bus stapte voor de rit naar het paleis. Bus na bus brengt nu de genodigden naar het theater. Onopgemerkt door de meesten arriveren ook koningin Beatrix en haar familie. Ze willen eigenlijk allemaal komen, maar dat leidt maar af van de mensen om wie het vanavond écht gaat: gewonden en nabestaanden van het drama.
De zes kaarsen op het toneel maken indruk, evenals de binnenkomst van de getroffen families. Rolstoelen, krukken, benen in verband, Antillianen en Apeldoorners, heel gewone mensen die zich maanden hadden verheugd op het nationale feestje, en die nu met pijn en verdriet hier terug zijn in het hart van Apeldoorn. De gezichten van de vijf Oranjes die boven mij op de eerste rij van het balkon zitten, tonen dat zij het verdriet delen. Koningin Beatrix ziet er zoveel ouder uit dan op de ochtend van Koninginnedag. De lijnen in haar gezicht zijn vele malen dieper.




Uw meest verdrietige maar mooist verwoorde en persoonlijke bijdrage ooit op dit Royal Blog. Dank voor het willen delen. Journalisten zijn ook maar mensen...
Geplaatst door: Joris | maandag, 11 mei 2009 om 00:30