Volgend jaar viert Nederland het 200-jarig bestaan van de monarchie. Het Historisch Nieuwsblad vroeg onderzoeksbureau OneQuestion te onderzoeken wat de Nederlanders af weten en vinden van de koningen en koninginnen die sinds 1813 hebben geregeerd.
Maar liefst 35 procent van de ondervraagden weet dat Nederland sinds de negentiende eeuw een koninkrijk is. Het Nieuwsblad vindt dat weinig, maar dat is een kwestie van perspectief.
Tweederde van de ondervraagden (1033 Nederlanders van achttien jaar en ouder) is voor behoud van het huidige model, terwijl 19 procent wil dat de koning een louter ceremoniële rol bekleedt en 18 procent de voorkeur geeft aan een gekozen president. De status-quo is het populairst bij 65-plussers (71 procent) en het minst populair bij jongeren tussen de 18 en 24 jaar (51 procent).
Ondanks de populariteit van de monarchie kan slechts één op de drie Nederlanders correct aangeven dat Nederland in de negentiende eeuw een koninkrijk werd. De meeste respondenten denken dat dit eerder gebeurde, bijvoorbeeld in de achttiende of de zeventiende eeuw. Vermoedelijk zien zij de Oranje-stadhouders uit die tijd voor koningen aan.
Het beeld is gunstiger wanneer de vraag wordt omgedraaid: ‘Welke belangrijke gebeurtenis vond plaats in het jaar 1813?’ Veertig procent kiest het goede antwoord: ‘Nederland wordt een koninkrijk.’
Gevraagd wie wordt gezien als de beste koning of koningin van de afgelopen tweehonderd jaar is het resultaat een omgekeerd chronologisch rijtje. Bovenaan staat Beatrix (53 procent), gevolgd door Juliana (28 procent) en Wilhelmina (12 procent). De anderen blijven in populariteit ver achter bij deze drie.

Hetzelfde beeld ontstaat wanneer wordt gevraagd naar specifieke verdiensten. Dit onderdeel was in de enquête uitgesplitst in twee gedeelten. Eerst moesten respondenten aangeven hoe belangrijk ze het vinden dat een Nederlandse vorst de economie stimuleert, zich inzet voor politieke stabiliteit en het saamhorigheidsgevoel bevordert.
Deze eigenschappen vindt de meerderheid belangrijk tot zeer belangrijk. ‘Saamhorigheidsgevoel’ scoort het hoogst: driekwart verwacht dat een koning(in) zich daarvoor inzet. Vervolgens is gevraagd welke vorst per onderwerp het meest heeft laten zien. Opnieuw staat de huidige koningin Beatrix boven aan alle lijsten.
Slechts 4,8 procent van de respondenten vindt dat Willem I het meest heeft gedaan voor de Nederlandse economie, terwijl hij toch als ‘koopman-koning’ de geschiedenis in is gegaan. De antwoorden laten zien dat de ondervraagden de vorsten beoordelen op basis van wat zij zich persoonlijk over hen kunnen herinneren. Uit de tijd is uit het hart.
Dat laatste blijkt ook wanneer wordt gevraagd de echtgenoten van de laatste drie vorstinnen te noemen. Meer dan 80 procent weet dat Beatrix was getrouwd met Claus en Juliana met Bernhard, maar slechts vier op de tien kan Wilhelmina koppelen aan Hendrik. © HJ, Foto: © RPE; Bron: Historisch Nieuwsblad
Laatste reacties