Op 21 juli 1831 legt Leopold van Saksen-Coburg de eed op de Belgische grondwet af. Daarmee is de onafhankelijkheid van de ‘zuidelijke Nederlanden’ beklonken, al duurt het nog tot 1839 alvorens het verongelijkte ‘noorden’ – of tenminste koning Willem I - zich bij de feiten neerlegt. 21 juli is sindsdien de Belgische nationale feestdag, ongeacht of er reden tot feesten is of niet.
De weergoden bijvoorbeeld hebben dit jaar helemaal geen trek in een nationaal feestje: de hemelpoorten gaan wagenwijd open op het moment dat de militairen zich op het Brusselse Paleizenplein in beweging zetten. De koninklijke familie blijft droog onder het afdak van het podium, maar veel diplomaten, anders zo blij met een plek op de eerste rij, zoeken elders beschutting.
Het overvliegen van gevechtstoestellen van de Luchtmacht is door de laaghangende grijze bewolking ook geen reden tot feestvreugde. Natuurlijk, prins Filip gaat enthousiast staan wanneer de helikopters overkomen, maar het publiek kijkt slechts met een schuin oog omhoog. Niemand die de regen als een emmer water op het gezicht wil hebben.
Op de eretribune is de belangstelling voor de voorbij soppende militairen plichtmatig, zo is de indruk. Dat het jonge prinsesje Laetitia Maria (8) af en toe een geeuw niet kan ondrukken is gezien haar leeftijd en het gebodene begrijpelijk, al kan ze wel enthousiast opveren en haar ouders prinses Astrid en prins Lorenz aanstoten wanneer ook honden meelopen in de stoet.
Van de oude wijze koningin Fabiola (83), elk jaar iets meer gebogen en kleiner dan het jaar ervoor, kan ook niet worden geëist dat ze iedere soldaat of Nederlandse marineman (181 jaar na de afscheiding zijn oranje vaandels welkom op de Belgische nationale feestdag) uitvoering in ogenschouw neemt. Fabiola immers heeft haar plicht vervult, en ieder jaar kan het de laatste keer zijn.
Van koningin Paola echter mag toch wat meer belangstelling worden verwacht; de hoge militair achter haar stoel moet steeds even porren om ‘Madame’ bij de les te houden, of in elk geval te waarschuwen dat ze weer moet gaan staan. Koning Albert heeft die aansporing meestal niet nodig en oudste zoon Filip is rap in de benen wanneer papa gaat staan. Mathilde volgt wanneer het moet.
Het is nat – omdat het Paleizenplein afloopt, ontstaan er enorme waterstromen, waarin de Zeemacht makkelijk een duikboot kan laten varen, al gaat-ie dan tegen de loop- en rijrichting in – en het duurt lang. Meer dan uur, inclusief het defilé van de civiele diensten zoals politie, brandweer en ambulancepersoneel.
En alsof de eerder genoemde weergoden hun willekeur willen onderstrepen: koning Albert is zijn auto (kenteken #1) nog niet ingestapt of de regen stopt en de zon komt tevoorschijn. ,,Nu wel”, bromt een onfortuinlijke politieagent, die net als honderden collega’s in hemdsmouwen anderhalf uur in de stromende regen heeft gestaan, de rug naar de parade, het druipende gezicht naar het onder paraplu’s verscholen publiek.
Na het defilé, waarbij zoals eerder al aangekondigd, de ‘stoute’ prins Laurent voor straf ontbreekt, gaan de prinsenparen Astrid/Lorenz en Filip/Mathilde nog even de stad in om enkele presentaties cq activiteiten – Europees dorp, brandweer, defensie, hofleveranciers – te bezoeken.
Een ‘royal walk about’, met aan de ene kant aandacht van het verraste publiek (de komst wordt niet vantevoren bekendgemaakt) en aan de andere kant, aandacht voor degenen die de presentatie verzorgen. Astrid (in de vierde outfit voor de nationale feestdag, inclusief avondjurk voor het concert woensdag en het uniform bij het defilé) en Lorenz hebben Laetitia Maria weer meegenomen.
Astrid vergeet de omstanders niet en ook aartshertog Lorenz doet waar ‘keizerlijke en koninklijke hoogheden’ doorgaans goed in zijn: handen schudden, onschuldig praatje maken, bedanken. Dat is overigens niet cynisch bedoeld: het behoort tot de kerntaken en het publiek verwacht het ook.
Koning Albert (ook hij kreeg een nat uniform) en koningin Paola houden het rustig dit jaar. Concert, Te Deum, defilé en Filip en Mathilde mogen naar het vuurwerk. De koning ziet liever ander vuurwerk: van de politieke partijen die ook na 400 dagen nog geen nieuwe regering hebben kunnen of willen vormen. Om moedeloos van te vormen en zeker geen reden tot feesten. Hebben de weergoden toch gelijk. © HJ
Foto’s en film: © RB, Marius Cirtiu, HJ; met hulp van Dutch Photo Press & Royal Press Europe







Reacties