Vietnam lijkt het populairste jongetje van de klas. Het buitenland loopt er de deur plat, op jacht naar deals. Gisteren begon één van de grootste Nederlandse handelsmissies uit de geschiedenis, met Willem-Alexander en Maxima als boegbeelden.
Door GPD-correspondent Remko Tanis
Vietnam ontving maandag ruim honderd Nederlandse zakenmensen, twee Nederlandse bewindslieden en twee koninklijke hoogheden. De op één na grootste handelsmissie die Nederland, na de VOC-tijd, ooit de wereld over stuurde, moet miljoenencontracten gaan opleveren. Maar Nederland aast niet als enige op het snel groeiende Vietnam. Het is erg druk in Hanoi, de laatste tijd.
De afgelopen dagen kwamen Groot-Brittannië, Denemarken en Oekraïne al langs. De eerste twee zetten, net als Nederland met prins Willem-Alexander en prinses Máxima, ook koninklijk geschut in. Terwijl de Nederlanders in een hotel in een seminar zaten, wandelde de premier van de Duitse deelstaat Saksen-Anhalt een rondje om het meer in het centrum van Hanoi: even pauze van de missie om contracten juist naar zíjn regio te halen.
Staatssecretaris Henk Bleker - in Vietnam acterend als minister van Buitenlandse Handel - lijkt doordrongen van de concurrentie. ,,We zijn hier met een grote missie, maar we zijn echt niet de enigen'', zei hij tegen de verzamelde zakendelegatie. ,,We zitten met interessante tegenstanders in de poule. Deze missie móet gaan slagen.'' De Vietnamese economie groeide vorig jaar met bijna zeven procent. Het land is daarmee niet alleen interessant als afzetmarkt voor buitenlandse bedrijven. Het is ook een goed alternatief voor China als land om spullen te produceren. De lonen in Vietnam liggen onder de Chinese, die de laatste maanden ook nog eens met tientallen procenten stijgen.
De vertegenwoordigers van de 81 Nederlandse bedrijven die mee zijn met de missie, van reuzen als Shell en Rabobank tot onbekendere als Geerlofs Refrigiration, verloren weinig tijd. De hele middag hebben ze ontmoetingen gehad met potentiële Vietnamese partners. Dat, terwijl de gewetensvraag van missieleider Bleker, nog nagalmde. ,,Toen ik in oktober aan deze baan begon, vroeg ik me af: is dit soort missies met de prins en prinses en met de overheid wel nodig'', bekende de bewindsman in zijn openingstoespraak. ,,Het grote bedrijfsleven kan dit toch wel zelf?''
In de lobby van het vijfsterren Melia Hotel drinkt Heiman Bollegraaf even een kop thee. ,,Ik zag net wat commentaren van mensen op websites'', zegt de eigenaar van Bollegraaf Recycling Solutions, een bedrijf uit Appingedam met driehonderd medewerkers. ,,Vragen over waarom er twee staatssecretarissen mee moeten en waar al die luxe en dat geld uitgeven goed voor is.'' Zulke gedachten had hij ooit zelf ook, geeft hij toe. ,,Toch hebben we onlangs een sorteersysteem verkocht aan een bedrijf in India. Dat kwam bij ons terecht doordat ik drie jaar geleden een folder gaf aan de directeur van dat bedrijf, tijdens een Nederlandse missie naar dat land.''
Het heeft dus zeker wel zin, vindt Bollegraaf. ,,Zonder missie was ik toen niet naar India en nu niet naar Vietnam gegaan. Als bedrijf is het moeilijk dit soort reizen te organiseren en de juiste mensen te ontmoeten. Het is logisch dat een overheid dan initiatief neemt. Het komt uiteindelijk ook de Nederlandse exportcijfers ten goede. Als ik zaterdag thuis kom, zonder iets verkocht te hebben, heb ik in elk geval weer mensen ontmoet en het land gezien.''
De prins en prinses sluiten hun bezoek aan Vietnam donderdag af. De Nederlandse ondernemers blijven twee dagen langer. © GPD Remko Tanis; Foto's: © DPP Patrick van Katwijk





Reacties